Veerkrachtig sociaal balletje.

0
2
Als je ergens een warmgevoel van krijgt in de schuiltent is toch wel de Staartmees (Aegithalos caudatus). Door hun onrustige gedwarrel door twijgen en bomen zijn ze vreselijk moeilijk om op de gevoelige plaat te krijgen. Maar eenmaal gelukt is de voldoening groot en kun je genieten van de leuke voortdurende "gesprekjes" onder elkaar. In allerlei opzichten zijn het bijzondere vogeltjes. Zo buiten het  broedseizoen leven deze pluizige pingpongbal-met-staart-vogeltjes in kleine groepen. In een groep gedragen ze zich zeer sociaal, blijft een mede lid ergens hangen, dan wordt er gewacht tot de achterblijver weer bij is. Vooral bij ringonderzoek is dit opvallend: wordt één lid van de groep gevangen, dan wacht de rest van de groep tot de 'onfortuinlijke' weer losgelaten wordt, alvorens hun tocht te vervolgen. In de winter is hun favoriete voedsel de kleine zaadjes in de vetbol. Zelfs bij het eten laten ze zich van hun sociale kant zien. Soms met 5 tot 10 Staartmezen genieten ze samen hangend aan een vetbol. Een vetbol-etende Koolmees onthaalt een andere  (Kool)mees al agressief als die maar een beetje in zijn richting kijkt. De Staartmees is nauw verwant aan de echte mezen zoals de Koolmees (Paridae), maar hoort toch bij een aparte familie (Aegithalidae). Deze vogeltjes zijn niet schuw, maar wel vreselijk rusteloos. In de winter slapen ze dicht tegen elkaar aan voor de warmte en dat is dan ook een van de weinige momenten in hun leven dat ze rustig zijn. De Staartmees maakt zijn nest meestal in een struik, een lage heg, soms in een boom. Zijn nest is ovaal tot kogelvormig, gemaakt van mos, haar, spinnenweb en korstmos. De binnenkant wordt zacht gestoffeerd met veertjes. Er zijn maar liefst 2.000 vliegtochten voor nodig om zo'n kunstig nestje te maken. De Staartmees legt daarin 8 tot 12 eieren van eind maart-mei. Heb je eenmaal zijn goed verborgen gecamoufleerd nestje gevonden kun je zien of ze thuis zijn, de  lange opvallende staart steekt dan vaak uit het nest. Maar zover is het nog niet eerst moeten ze de winter zien te overleven. En dat lukt meestal aardig en komen ze, ondanks hun kwetsbare uiterlijk, met hun sociaal-samen-sterk beleid wel door deze moeilijke periode. Daar kunnen wij als mens nog iets van leren.