Anglo-Amerikaanse Spinoza-interesse

0
4

Op de website van J. Thomas Cook staat een aardige tekst: "Spinoza's Place in This Century's Anglo-American Philosophy". Ik had al eens een link erheen opgenomen in mijn bespreking van zijn aardige inleiding op de Ethica. Het stuk is ongedateerd. Het blijkt al snel een toespraak die iets met de Vereniging Het Spinozahuis te maken moet hebben en dan blijkt tegen het eind toch bij welke gelegenheid: “As a member of the Executive Board of the Society (The North American Spinoza Society), I bring greetings and best wishes from that fledgling organization to the longstanding and venerable Vereniging Het Spinozahuis upon completion of your hundredth year.” Dat was dus in 1997.

Cook geeft een aardig overzicht van ruim 100 jaar Spinoza-studie in de Angelsaksische landen – van Frederick Pollock’s Spinoza: His Life and Works (1880), de bijna complete Spinoza-vertalingen van R. H. M. Elwes (1884), John Caird’s Philosophical Classics for English Readers (1888). Dan in de lange periode waarin de taalanalytische filosofie weinig belangstelling voor metafysica en dus Spinoza had, was er toch belangstelling van de zijde van George Santayana en Bertrand Russell en er was Harry Austryn Wolfson’s The Philosophy of Spinoza (1934) die een poging doet Spinoza te verklaren vanuit Hebreeuwse, Griekse en islamitische voorgangers, de wat eigenzinnige veel eigen woorden introducerende H. F. Hallett’s Aeternitas: A Spinozistic Study en Creation, Emanation (1920) en Salvation: A Spinozistic Study (1930).

Dan een eenzame heropleving in 1951 met Stuart Hampshire’s Penguin Paperback Introduction to Spinoza – later uitgebreid en nog steeds verkrijgbaar.