Knisperend genoegen.

0
21

Een ochtendwandeling op de Veluwe levert altijd wel iets op.
In het prikkeldraad van de tuinomheining hangen weer verse Wilde zwijnen haren.
Langs het paadje dicht bij het huisje zijn een paar grote mierenhopen van de
Kale rode bosmier (Formica polyctena).

In vergelijking met de zomer ligt
deze bruisende stad er maar verlaten en gehavend uit. Het lijkt wel of de
economische crisis en vergrijzing ook hier 
heeft toegeslagen. Maar niks is minder waar. Om de winter te overbruggen
sparen de verstandige mieren energie voor het nieuwe seizoen. Dan steekt een
groen-rode kop van de Groene specht  (Picus
viridis) achter de mierenheuvel uit. Ze voelt zich vreselijk getrappeerd en
vliegt luidkeels weg. Er zijn door deze mooie vogel veel gaten gemaakt in het
mierennest om toch aan zijn nodige winterkost te komen. Maar de stadsbewoners
zijn ingesteld op deze paria van hun maatschappij en hebben zich diep verschanst
in de kern van het nest. Daarnaast hoe dieper de specht het gat maakt des te
meer kans op instortingsgevaar en daar heeft de Groene zich zelf mee. En is
hij genoodzaakt om weer met een nieuw gat beginnen. De Bosmieren doen van
binnenuit hun uiterste best om de temperatuur op peil te houden en alleen bij
de hoognodige werkzaamheden lukt het de Groene specht blijkbaar toch nog een
paar mieren te pakken te krijgen. Bij een toegangsweg aan de voet van de
mierenstad liggen een aantal grijs omhulde zwarte vogelkeutels. Het laat zich
niet zo moeilijk raden van wie die afkomstig zijn. Bij nadere beschouwing zie
je in de zwarte kern allerlei ledematen,  borststukken en mierenkopjes. Deze uitwendige
skeletjes van de mieren zijn slecht verteerbaar en worden dus uit gepoept.
Eenmaal tussen mijn vingers ruik je nog een vleugje mierenzuur. Door zacht een
beetje te wrijven met je vingers hoor je het knisperende geluid van
spechtenpoep.  Als je op je knieën zit,
bij de mierenhoop, op een onbewaakt moment glimlacht door binnenpret en wordt
gade geslagen door een voorbijkomende wandelaar die je vragend aanstaart: Wat
ben jij aan het doen? Ga dat knisperende genoegen maar eens uitleggen!