Warren Montag over Louis Althusser (1918 – 1990) en Spinoza

0
3

Warren MontagDat Warren Montag een groot kenner van Louis Althusser (en Spinoza) is laat hij zien aan twee werken die hij dit jaar publiceerde. Daarover zo dadelijk.

Althusser schreef en onderwees niet eens zoveel over Spinoza, zo lezen we in Montag's voortreffelijke inleiding bij de Engelse vertaling van Etienne Balibar's Spinoza and Politics. Maar het feit dat Althusser zich Spinozist noemde had grote invloed in de '60-ger jaren, toen hij hoofd was van de Ecole Normale Supérieur. Men moest minstens van Spinoza gehoord hebben, was zijn stelregel. De Marx-lezing zoals hij en zijn studenten en medewerkers (w.o. Balibar) via a.h.w. de lenzen van Spinoza voltrokken, liet een heel nieuwe vorm van Marxisme én via vervolgens weer injectie met Marx's inzichten van Spinoza's teksten een geheel nieuw Spinozisme opbloeien – een Spinozisme van een Marxistische smaak: een die een diepgaander materialistische leeswijze introduceerde dan er eerder bestond (zeker na de meer idealistische leeswijze van de vroegere Duitse romantici en idealisten).

De materiële kant van Ideologie
Althusser zag in Spinoza de eerste die een adequate 'theorie van de ideologie' had ontwikkeld; één waarin de fout vermeden werd in ideologie alleen maar of vooral een "vals bewustzijn" te zien. In Spinoza zag hij de mogelijkheid om een aantal valkuilen van de "klassieke ideologiekritiek" te vermijden, n.l. dat het imaginaire geen realiteit of materialiteit zou bezitten. In de gelijkstelling van de belangrijkste ideologie van zijn tijd, n.l. de religie, met "product van de verbeelding", zag Spinoza zijn typering niet als die van "een illusie". Integendeel, ideologie was als elke imaginatio niet een zuivere vergissing, of alleen maar iets negatiefs of ontkenning van realiteit: er zat een kern van (praktische) waarheid in, waardoor mensen en de samenleving er nut van konden ondervinden. Althusser muntte de notie (zoals Montag omschrijft – cf. hierna de inleiding "Why Read Althusser Today?"): “the material existence of ideology”.