Cornelis Bontekoe (1647 – 1685) nam afstand van ‘den Heyloosen’ Spinoza [1]

0
18

Cornelis Bontekoe (1647 – 1685)Hij was een spraakmakende arts in de 17e eeuw. Opmerkelijk is het dat hij geen Nederlandse Wikipediapagina heeft, maar nog opmerkelijker dat er helemaal geen serieuze monografie over hem bestaat, alleen een enigszins journalistiek boekje over hem als theedokter: E. D. Baumann, Cornelis Bontekoe, 1640-1685: de theedoctor [Misset, 1949].

Eigenlijk heette hij Dekker, maar hij noemde zich Bontekoe, naar het uithangbord van de kruiden- en apothekerszaak in Alkmaar van zijn vader Gerrit Jansz Dekker. Je komt verschillende geboortedata tegen (1640, 1644, 1645, 1647), maar C. Louise Thijssen-Schoute verrichtte het meest serieuze onderzoek en komt op 1647 als meest waarschijnlijke datum. Die houd ik dus aan.

Bontekoe begon als chirurgijnsleerling maar hij prefereerde een echt medische studie schreef zich in 1665 in de Leidde Universiteit in om medicijnen te studeren bij Jan van Horne (1621-1670)
en François de la Boë Sylvius (1614-1672), onder wie de dominantie wat betreft de medicijnen zich van Noord-Italië naar Leiden verplaatste. In navolging van Sylvius werd hij een vurig aanhanger van de iatrochemica, de genzing door chemische middelen. Hij promoveerde in 1667 op het proefschrift Dissertatio de Gangraena et Sphacelo. Hij trouwde in dezelfde maand met zijn nichtje Anna de Moraez en vestigde zich in Alkmaar waar hij door zijn bekwaamheid en nieuwe geneeswijzen al snel een grote praktijk kreeg. Wat hem kinnesinne van collega’s en daar hij eigen geneesmiddelen bereidde verzet van apothekers, wier privilege hij schond. Zijn vrouw Anna overleed al op 29 juli 1668. Hun twee dochtertjes stierven een maand later. Zijn tweede huwelijk dat hij een jaar later sloot met Jannetje Reiniersd Post eindigde in een scheiding via een rechtszaak.