J.S. Bach: Cantata "Die Elenden sollen essen" – BWV 75

0
20


Vandaag zette het “All of Bach”-project deze cantate op z’n website en tegelijk
plaatste Feline Yogi [cf.] hem op Youtube.
Ik kan dan ook niet nalaten het stuk dit blog binnen te halen. Vooral daar
Spinoza zich zeker in het thema zou kunnen vinden.

Met zijn cantate Die
Elenden sollen essen
zou Bach een piketpaal geslagen hebben. Zijn benoeming
als cantor in Leipzig was net rondgekomen. Hij was met zijn gezin op 22 mei
1723 vanuit Köthen naar Leipzig verhuisd. En tijdens de dienst van zondag 30
mei 1723 was hij voor het eerst echt in functie als cantor. Speciaal voor deze
dienst componeerde hij deze cantate, bestaande uit twee delen – elk weer
onderverdeeld in 14 stukken -, die voor en na de preek werden uitgevoerd. Aanhakend
bij de vlak voor de cantate gelezen parabel van Lazarus en de rijke man – aardse
rijkdom blijkt volgens de gelijkenis in de hemel niks waard – staat in Bach’s
stuk eveneens de tegenstelling tussen de armoede van het aardse leven en de
ware rijkdom van de hemel centraal. Als we aan die ‘hemel’ even voorbijzien of hertalen
tot ‘het perspectief van de eeuwigheid’ is dit ook precies het thema dat we van
Spinoza uit de TIE en de Ethica kennen.