Visje

0
4

Als kind begreep ik de wereld van de volwassenen nooit**. Ik wilde dan eigenlijk ook nooit 'groot' worden.

Om de onbegrijpelijke wereld van 'de groten' te ontsnappen praatte ik veel met mijn 2 goudvissen. Die had ik van mijn lieve vader gekregen. Ze zwommen niet in een kom, want dat vond ikvisje zielig.
Iedere avond sprak ik even met  hen. Ik klaagde dan over de schoolmeester, besprak hoe t was gegaan met knikkeren en legde uit dat ik Joris – die etter die altijd werd voorgetrokken in de klas- een klap had verkocht.
Op een dag, het was mei '73, dreef een van de visjes op zijn rug. Ik probeerde hem nog om te draaien. Maar hoezeer ik de vis ook naar beneden duwde, hij kwam gewoon weer naar boven.
Vader legde me geduldig uit dat Visje – zo heette ie – dood was.

Ik natuurlijk huilen. Samen met vader besloot ik Visje in een luciferdoosje te doen. Daarna verdween ie achter ons huis in de tuin. Boven op 'het graf' plaatste ik een kruisje, gemaakt van twee aan elkaar gebonden halve wasknijpers.

Bij de officiële begrafenisplechtigheid, waren 3 vriendjes aanwezig. Ik had bedacht dat als we met z'n vieren deden bidden, dat visje dan wel in de vissenhemel zou komen.

tja, zo was ik. Een beetje vreemd. Maar wel lief.

** en nog steeds niet……..


_______________________________________________________