Herman Gorter (1864 – 1927) gedicht: Vier joden

0
65

 

 

Ver na zijn zgn. spinozistische periode die ongeveer van najaar 1892 tot in 1896 liep en overging in zijn marxistische periode (zie dit blog en ook dit blog) schreef Herman Gorter voor zijn bundel De Arbeidersraad die in 1931 verscheen, het volgende gedicht: 

 

 

Vier joden

   Christus, die 't absolute van de liefde leerde,
    Spinoza 't absolute van 't heelal.
    Marx, die het relatieve van 't gevoel
    En van den geest des menschen leerde, – Einstein van het heelal…
    Welk een ras, welk een stam!

Herman Gorter
 In: De Arbeidersraad (1931)

Ik trof het aan in Igor Cornelissen: Een joodse dwarsligger. Jaap Meijer 1912-1993 [De Kan, Amsterdam, 1995],  waarin o.a. het interview dat Igor Cornelissen met Jaap Meijer had en dat in Vrij Nederland van 20 december 1980 verscheen, werd herdrukt en waarin Meijer dit gedicht citeerde als voorbeeld van een joodse nationale renaissance van die periode. [zie ook in DBNL]