Stille paaseieren.

0
3


Bij de
buren zijn de druk opgewonden schreeuwende (klein)kinderen bezig met het zoeken
van de verstopte paaseieren in de tuin. Onze voorouders aten, op de valreep van
winter en voorjaar, veertig dagen lang geen (of weinig) dierlijk voedsel: geen
vlees, geen zuivel, geen eieren. Dat begon meteen na carnaval: nog één keer
‘uit je bol gaan’ en dan – van Aswoensdag tot Goede Vrijdag – sober leven. Al die veertig dagen lang bleven de kippen stug doorgaan
met eieren leggen. Dat gaf een hele eiervoorraad, een berg waarin je dan, bij
het paasontbijt, een fikse deuk kon slaan. Het is een praktische, agrarische
geschiedenis, vermengd met lente, nieuw leven en vruchtbaarheid.  Na het tellen van de  bont gekleurde eieren keert de rust in de tuin
weder. Binnen is de tafel al gedekt voor het Paasontbijt. Het verstoppen stamt waarschijnlijk
uit de Germaanse traditie om eieren, als symbool van vruchtbaarheid, in akkers
te begraven zodat deze akkers op hun beurt vruchtbaar zouden worden. Niet
alleen zoogdieren maar ook de vogels zijn al, ongeacht of het Pasen is, bezig
met hun eieren te verstoppen.  Ook "mijn"
Merel (Turdus merula) met het witte schoudervleugelveertje is een druk baasje.

Samen met zijn vrouwtje verstoppen ze hun eieren in een goed
verborgen nest. Hun nest, dat grotendeels door het wijfje wordt gebouwd,
bestaat uit een compact, diep holletje van droog gras en mos, van binnen
bepleisterd met modder en gevoerd met fijn plantenmateriaal en gras. Per legsel
kan ze tussen de 3 tot 5 eieren leggen, die in ongeveer 12 à 15 dagen worden
uitgebroed. Hun broedtijd loopt van half maart tot begin augustus. Overigens vinden
"stads"merels meer voedsel en zij kunnen dus wel 3 tot 4 legsels
voortbrengen op een jaar. Een "bos"merel heeft veel meer moeite met
het zoeken naar voedsel en zij houden het dus meestal bij twee. Mijn wit vlekje
is dit jaar inmiddels alweer met het derde nestje bezig. Terwijl zijn vrouwtje
bezig is met broeden is hij de jongen van het vorige nest op het gazon aan het
voeren. Het duurt niet lang meer dan moeten deze jonge Merel voor zich zelf
zorgen. Voor het derde nestje heeft de Merel een goede plek gevonden in de Klimhortensia.
Terwijl ik op het terras zit maakt ze omtrekkende bewegingen om de
"geheime" plek maar niet te verraden. Je weet maar nooit met hongerig toekijkende
mensen die misschien mereleieren eten in deze periode !

Uiteindelijk
vertrouwd ze het en met een snelle sprong duikt ze in de Klimhortensia (bij de
dikke rode pijl). Ook in het groen doet ze heimelijk en uiteindelijk gaat ze op
het nest zitten (bij de dunne rode pijl). Het mannetje is nog steeds bezig met
het voeren van zijn jonge spruit die met zijn bedelgedrag met klapperende
vleugeltjes niet van ophouden weet. Maar dan maakt hij een apart geluidje en de
jonge spruit duikt onder de beukenhaag. Lichte paniek, een overvliegende Sperwer! Als dat gevaar is geweken
maakt hij nogmaals een ander apart geluidje en de Klimhortensia komt in
beweging. Het broedende vrouwtje komt tevoorschijn en rent ook bedelend met
klapperende vleugels op het mannetje af. Deze voert het vrouwtje alsof het een
jonge vogel is. Na het voeren duiken ze samen in de Klimhortensia via de zelfde
sluiproute. Na een tijdje vliegen ze samen weer uit het geborgen groen. Ik kijk
vlug in het nestje: er liggen drie eieren in. De mereleieren zijn door moeder
natuur prachtig blauwgroen gekleurd en bedekt met rood- of geelbruine vlekken. Wellicht dat er nog wel een eitje
bijkomt. Uiteindelijk komt het niets vermoedende trouwe vrouwtje weer terug
naar haar nest. Mijn missie is geslaagd:  Heb ik in alle stilte toch even paaseieren in
onze tuin gezocht!