Kippige ochtendparade.

0
4


Bijna elke ochtend als ik wakker wordt hoor ik bij de buren
een haantje kraaien. Normaal sta ik daar niet zo bij stil maar als de buren een
paar dagen weg zijn is het feest! Ik neem de beestjes dan even onder mijn hoede.
Zo gauw ik een voet in de ren zet zijn ze er als de kippen bij!

Elke ochtend
breng ik vers water,  groenvoer, cake en
handvol kippenvoer. Wat een gezelligheid! Het is mooi om naar het gedrag van de
haan en de interactie met zijn harem en onderling zo van dichtbij te bekijken.
Terwijl hij waakt mogen de vrouwtjes lekker eten maar uiteindelijk gaat ook hij
eten. Het scharrelen zit ze in het bloed!  De Hollandse Kriel is de kleinste Nederlandse
kip, met een gewicht dat varieert van 450 gram bij de hen tot een ruime 550
gram bij het haantje. Hollandse Krielen behoren tot de oorspronkelijke
dwerghoenderrassen. De sierlijke en parmantige krielen hebben een opgerichte
houding. Het haantje is voorzien van een
grote, enkele kam, die rechtop gedragen wordt en bezit flink wat fraaie sierbevedering
aan hals, rug en staart.

De hennen zijn, zoals bij alle kippenrassen, een stuk
minder opvallend. Ze komt momenteel voor in meer dan 25 kleurslagen, de erkende
kleurslagen zijn: patrijs, zilverpatrijs, roodgeschouderd zilverpatrijs,
blauwpatrijs, blauwzilverpatrijs, roodgeschouderd blauwzilverpatrijs,
geelpatrijs, koekoekpatrijs, koekoek, blauw, zwart, wit, roodgeschouderd wit,
columbia, buff, buff columbia, buff columbia blauwgetekend, zalm, tarwe,
parelgrijs, kwartel, zilverkwartel, parelgrijs zilverkwartel, porselein,
citroenporselein en parelgrijskoekoek. De buren hebben de meest gangbare
patrijs kleurslag.

Omtrent het ontstaan van het ras is weinig met zekerheid te
zeggen. Krielen, die enigszins op de Hollandse Krielen leken zijn afgebeeld op
een Engels schilderij uit 1856. De naam Hollandse Krielen komt men het
eerst tegen in het boek van R.T. Maitland uit 1882. Het betreft echter alleen
de naam. Met deze naam werden echter zwarte en witte Javakrielen en Nanking krielen
aangeduid. De naam was in 1906 mede aanleiding de in ons land voorkomende
patrijskleurige krielen onder de naam Hollandse Krielen als Nederlands ras te
erkennen. Waar krielrassen doorgaans een verkleinde uitgave zijn van een groot
ras is dat bij de Hollandse kriel niet het geval. We spreken hier van een
origineel ras, waarvan een grotere uitvoering niet voorkomt.

Hollandse Krielen
zijn actieve dieren, die dankzij hun kleine formaat lijken niet veel ruimte nodig
te hebben. Maar in een grotere ruimte komt hun gedrag pas goed uit verf!
Loslopend in de tuin hebben ze zelfs de neiging om hoog in de boom te gaan
slapen zoals hun verre voorouders dat ook deden. De hennetjes zijn doorgaans
regelmatig broeds en leggen per jaar zo'n 120 kleine witte eitjes van plusminus
30 gram. Broeden kunnen hennetjes goed en het is een waar genot om zo'n klein
hennetje met een onwerkelijk piepkleine hommelzwerm in de ren te zien
rondscharrelen. Ze zijn uitstekend zorgzaam voor hun nageslacht. Soms zo goed
dat we dat juist willen voorkomen dat er gezinsuitbreiding komt. Daarom raap ik
na het voeren de eieren. Hollandse Krielen zijn door hun afmeting gemakkelijk
te hanteren en kunnen buitengewoon tam worden. Terwijl ik een hennetje oppak
kijkt de rest gelaten toe. Er is geen haantje die daar om kraait maar komt wel heel even dichtbij kijken en als ik
haar weer loslaat schud ze zonder paniekerig weg te rennen even haar veren. Ook onderling zijn ze zeer
verdraagzaam en lijkt er geen echte "wrede" pikorde te zijn. Terwijl
ik in alle mogelijke hoekjes en broedhokjes van de grote ren kijk, wordt ik
ondanks mijn "vangactie" toch door de krielen als een ware kippenparade
achtervolgd. Zo, na gedane arbeid is een ontbijt met vers eitje hoort er
bij,  echt verdient.