Afvinken.

0
4
Iedereen heeft op een of andere manier wel een lijstje van dingen die je wilt doen. Mijn lijstje is voor vandaag nog redelijk overzichtelijk. Gewoon wachten wat voor de lens komt. Heggenmus, Roodborstje, Merel, Koolmees, Pimpelmees, Boomklever, Houtduif zijn vandaag goed in beeld gebracht, maar die Vink (Fringilla coelebs) wilt maar niet lukken! Hij wordt steeds verjaagd door de andere vogels. Elke keer als hij op een afstand weer de boom in is gejaagd laat hij zijn typische voorjaars vinkenslag horen. Maar daar verover je alleen het hart van het vrouwtje. Als je iets wilt eten moet je toch slagvaardiger zijn. De Vink wordt dus de vogel op mijn vandaaglijstje. Het is een mannetje en heeft al het broedkleed. Een blauwgrijs petje, dat doorloopt dat in de nek. De wangen en de borst zijn mooi roodbruin van kleur, de bovenrug in bruin en de veren zijn grotendeels zwart met twee witte vleugelstrepen. De staartveren zijn zwart, behalve de buitenste staartpennen. Deze zijn wit van kleur. Zijn vrouwtje dat steeds op de grond blijft is minder opvallend en wordt nog wel eens aangezien als een vrouwtje mus. Vinken eten vooral zaden en zachte plantendelen, zoals bladknoppen. Met gemak kraken ze een zonnebloempit met hun korte kegelvormige grijze snavel. In het broedseizoen zijn het echter vooral insecten die gegeten worden. Insecten leveren eiwitten die noodzakelijk zijn voor de groei van de jonge Vinken. Vooral in het najaar scharrelen grote groepen vinken op de grond onder beuken naar beukennootjes, vaak vergezeld door Kepen. In de tuin wachten ze geduldig onder een vetbol of de voertafel, op zaadjes die door andere vogels worden gemorst. Vinken leven vrijwel overal voor waar bomen groeien. Hagen, houtwallen, singels, bossen, tuinen en parken. Toch is het vooral hoog Nederland waar vinken in de grootste dichtheden voorkomen. Het aantal vinken is door grootschalige bosaanplant begin 20e eeuw sterk toegenomen. Ook de bosaanleg in de Flevopolder heeft opnieuw gezorgd voor een forse toename van het aantal vinken in Nederland. In 1998-2000 werden door SOVON 600.000 tot 700.000 broedparen vastgesteld. De Vink is dan ook jaarrond te zien. Eindelijk landt hij voor mij op een gunstige plek en klik, hebbes hij staat erop! Het heeft een beetje moeite gekost om deze Vink op de plaat te krijgen maar ik mijn slag kunnen slaan en kan deze soort van mijn lijstje afvinken.