Wij… van de Zij_lijn

0
3
   
    Er zullen vast veel studies verricht zijn naar de sport. En dan naar de vraag, waarom sport door de hele bekende geschiedenis, dus ook ver voor onze jaartelling zo’n invloed en aantrekkingskracht heeft uitgeoefend op de mens.
 
Dat de huidige invloed van sport van later datum is mag duidelijk zijn. Tegenwoordig is het ook een economisch fenomeen geworden, dat zich rond de sport zelf heeft ontwikkeld. Hetgeen helaas ook zijn invloed op de sport zelf uitgebreid en jammer genoeg een ongewenste invloed er op uitoefent.
 
Maar het gaat nu hier nog om de sport zelf. Het aardige is, dat er maar weinig onderscheid kan worden gemaakt, welke sport het dan ook betreft. Maar voor het gemak van deze verhandeling is het beter om mij tot één sport te beperken, die, welke in Europa het meest favoriet moet zijn, de voetbal.

Wat is er bij voetbal aan de hand ?
Je hebt een speelveld, dat op een simpele grasmat wordt bespeeld tussen daarop met eenvoudige kalkverf getrokken lijnen en strepen volgens vastgestelde maten. Het kan niet simpeler! Het technisch vernuft bevindt zich aan beide uiteinde, de doelpalen, bekroond met de doellat en daarachter een gespannen net. Dat eigenlijk alleen diende om de zich daarachter bevindende mensen te beschermen.
Op dat speelveld spelen dan een zeer beperkt aantal mensen de wedstrijd. Twee en twintig spelers, een scheidsrechter, twee grensrechters en de »toezichthouder« van KNVB, of FIFA.
Het spel verloopt via vrij eenvoudige regels, die onder toezicht van de scheidsrechters in acht genomen moeten worden.
En daar kijken dan tienduizenden mensen naar. Of, wanneer het op de televisie wordt uitgezonden, dan loopt het aantal al gauw naar de miljoenen.
De aantrekkingskracht is dus niet te loochenen.

De vraag is dus nog waarom, hoezo ?

Ik denk, dat het komt, omdat deze »wereld« volkomen tegengesteld is aan de normale socio, het hele gebeuren rond om ons in het dagelijks leven.

Het is moeilijk om de verschillen in een logische volgorde aan te geven, dus begin ik daar maar niet aan.

 
Maar het belangrijkste verschil is wel, dat op een voetbalveld alleen zij zich bevinden, die direct iets met het spel te maken hebben. Het Gezag van de verenigingen, die er aan het werk zijn, zitten (sic) langs de kant. De trainer, zolang hij zich aan de regels houdt en door de scheidsrechter wordt getolereerd, is dan nog het meest nabij. Maar het bestuur van de verenigingen al dan niet in aparte loges, of gewoon tussen het publiek.
 
Dat is toch heel iets anders dan het leven buiten het stadion !
Daar zitten de mensen, die het voor het zeggen hebben »in het veld« en valt er voor ons, toeschouwers maar weinig aan te beleven. Dus is het heerlijk, om te zien, hoe het »ook« kan!!
 
Op het veld wordt altijd spanning geboden, zelfs door een slechte wedstrijd. Want iedereen, die een voetbalwedstrijd gaat zien is benieuwd naar de uitslag. Mensen rond het veld kunnen door hun »meeleven« hun ploeg tot grotere prestatie aanzetten. Het voordeel van een »thuisclub« is al een zeer oud gegeven. Worden fouten al niet direct bestraft in het veld, een geringere inzet heeft gevolgen op clubniveau.

Hoe anders is dit, vergeleken met het gebeuren in het dagelijks leven. Hier worden we maar slecht verwend met gezonde spanning. Spanning hier heet ergernis.

 
Onze leiding zit niet tussen het publiek, die zitten op het veld. En hun enig werk is ons, langs de zijlijn-zittenden te vertellen hoe het er aan toe gaat. En dat is dan meest slikken of stikken.
Al gaat half Nederland fluiten, wanneer een of meer van de ministers weer eens een steek heeft laten vallen – dat komt omdat ze tegenwoordig alleen maar geweldige hoeden dragen, waren het nog maar steken ! – dan moet er een wonder gebeuren om het hele zooitje te laten opstappen.
Of in de bedrijven. Daar is het nog erger. Vroeger hadden vakbonden nog iets in te brengen, nu zijn het de aandeelhouders, die direct of indirect de wet bepalen.

Bij de voetballers loopt het »corrigerend vermogen« er bij, in het veld zelf!
En dit te ervaren is een goede ontsnappingsclausule aan het dagelijks leven, dat ons wordt opgelegd.

 
 
Natuurlijk is hier een verklaring voor !
In politiek – welke dan ook, overheid, bedrijven – zijn er altijd een (groot) aantal tegenstrijdige belangen te verdedigen.
In de sport is het alleen het club-belang. En daar zorgt dan de aanhang voor, die hier langs de zijlijn zit. Wanneer de stadions niet meer gevuld zijn en de televisie geen belangstelling meer heeft, dan weet de vereniging wel hoe laat het is!
 
De Romeinse keizer wist het al !
>>Geef ze Brood en Spelen<<
 
Een goed sportseizoen toegewenst en dat we nog maar vaak dat andere leven even mogen kunnen vergeten!