Spinoza, Erlöser der Menschheit (Berthold Auerbach)

0
17

Aan het eind van zijn Spinoza, ein historischer Roman van 1837 vertolkte Berthold Auerbach in een slotwoord de hoop die hij koesterde in de betekenis die Spinoza voor de verlichting én bevrijding van de joden en de hele mensheid kon hebben. De roman behandelt de jeugdjaren van Spinoza, niet meer zijn verblijf vanaf Rijnsburg en daarna. In dat slotwoord – Spinoza is dan kortgeleden in de ban gedaan – laat hij hem in een droom Ahasverus verschijnen, de wandelende jood uit een oude christelijke legende die daarin model stond voor het lot van de joden: hun verspreiding in de galoet (ballingschap) over de hele wereld. Ahasverus deelt mee dat hij in Spinoza de verlosser ziet, van de joden niet alleen, maar van de hele mensheid. Zo laadt Auerbach op Spinoza het beeld van de seculiere messias.

In 1856 werd het in vertaling van de classicus Dionijs Burger jr. in het Nederlands uitgegeven. Bij books.google is de 2e druk van 1868 te vinden. Daaruit neem ik hier dat slot over. Zulke romantische verhalen worden niet meer geschreven.