Mensen maken leven, maar het leven maakt de mens

0
400


Wie regelmatig naar klassieke muziek op de radio luistert, hoort, dat er wel iedere dag muziek te beluisteren valt, die geheel of gedeeltelijk onderdeel is van een Requiem. De doden-ritus uit de katholieke kerk. Dat van Mozart staat al jaren in de TopTien. Dat van andere componisten worden ook regelmatig uitgevoerd. Er zullen maar weinig koren zijn, die zich met het klassieke genre bezig houden en nog nooit een (deel van een ) Requiem hebben uitgevoerd.
Wat is er aan om muziek te beluisteren, die met doodgaan te maken heeft ? Ik denk, dat je daar een aardige studie aan zou kunnen wijden.
Daar hoeft men zich nog niet eens met de vraag bezighouden, waarom Nederland steeds meer ontkerkelijkt, een uitvaartdienst haast tot de uitzonderingen behoort, maar dat de muziek, die daarvoor werd geschreven wel »dagelijkse kost« is?
Dit was het raam van mijn gedachte, toen ik op een stoel achteraan een plaatsje vond, onder een balkon, waarop je een orgel zou kunnen vermoeden. Hoewel de ruimte soms echt een »kapel« wordt genoemd, ligt »aula« meer voor de hand. Het podium biedt geen plaats aan een altaar, althans niet als vast onderdeel. De ambo, links geplaatst, heeft weinig van een preekstoel. Er is dus weinig dat aan een kerkgebouw doet denken. Maar dat hoeft dan kennelijk ook niet. Zij, die nog prijs stellen op een afscheidsdienst, zullen nog wel gelegenheid vinden in een echte kerk.
Het mooie bijna zomerse weer maakt, dat de meeste belangstellenden buiten bleven wachten en zo vult de zaal zich maar langzaam. Twee muren omlijsten een aantal grote vierkante ramen van gewoon glas. Die van achter het podium doen uitkijken op een muur. Dat zal dan wel de urnenmuur zijn. Er is wat ontluikend groen voor, die iets van de hardheid van de stenen wegneemt. Maar men weet, dat aan de andere zijde gepraktiseerd kan worden, dat je als mens maar stof bent.
Langzamerhand worden steeds meer bloemen binnen gedragen, die ale een plaatsje krijgen rond de witte kist, die staat opgesteld. De directe familie heeft aan de voet ervan al plaats genomen. Het is niet koud en niet warm in die ruimte. Het schept een sfeer van >zie zelf maar wat je er van maakt<.
Voor de familie heeft een broer van de overledene de leiding op zich genomen. Hij verzorgt de muziek. Wel klassiek, maar niets uit een van de zeer vele Requiems. Het waarom daarvan wordt later door een van de kinderen uitgelegd.
Moeder is tientallen jaren, dus veel te lang ziek geweest en daardoor te zwaar, door de God, die haar ouders haar hadden meegegeven, beproefd. Haar sterke geest had het jarenlang uitgehouden, beter dan haar lichaam. Maar er zijn mensen, die echt alle hoop hebben verloren, die minder geleden hebben dan zij heeft gedaan.
En daarmee staat haar man als centrale figuur in de hele plechtigheid, hoewel hij geen woord spreekt. Iedereen in de aula kent zijn rol. Wanneer mensen 50 jaar getrouwd zijn, dan wordt er een groot feest gegeven. Wat dat is toch wel een hele tijd.
Maar wat moet je, wanneer je bijna 50 jaar je vrouw hebt moeten verplegen ? En ondanks dat nog voor een uitje, wanneer het weer het toestond, hebt kunnen zorgen?
Niemand kan dankbaar zijn voor het lijden, dat hem, haar, of een van het gezin wordt aangedaan.
En dan denk ik aan soortgelijke gevallen, die ik ken. Je gaat onwillekeurig zitten vergelijken, wetend dat daar niemand iets mee opschiet. Een andere man, die al tientallen jaren zijn vrouw verzorgt, verpleegt, die altzheimer heeft. Die dus niet alleen lichamelijk niets meer kan, maar ook geestelijk niet eens meer weet, dat ze leeft. Althans, dat denkt de buitenstaander. Of de vrouw, die iedere dag naar het verpleeghuis komt, waar ze blij zijn, dat zij haar man zijn bad-beurt geeft en met hem een uurtje gaat wandelen als het weer het toelaat.

Voor ieder telt z’n eigen lijden het zwaarst, dan is er relativeren niet meer bij.

Is het afscheid dan zo ver, dan hoop je, dat de honderden mensen, die haar naar haar laatste rustplaats vergezellen, in ieder geval de nabestaanden de overtuiging schenken, dat zelfs in zo’n leven nog een zin, een bedoeling geweest is.
Nog maar pas lazen we op Goede Vrijdag, hoe Christus zelf aan het kruis uitriep
>Mij God, waarom heb je mij verlaten ?<
Mag dan een mens na tientallen jaren ziekte en lijden geen twijfel tonen aan de barmhartigheid van de zelfde God ?
Ik ben er van overtuigd, dat zij nu beter weet !