Hoe Ouder, des te ….

0
3



Een familiefeest zou zeer uitgebreid gevierd worden. De kinderen hadden ook vrienden en kennissen van vroeger uitgenodigd. Oma werd 80 en de oudste kleindochter zou op de zelfde dag trouwen. Ze was de lieveling van oma, dus moest het een dubbele vreugd kunnen worden.
Ze waren in groten getale gekomen ! Zelfs nog oude vrienden van de vroegere jeugdbeweging, van het zangkoor van opa, de eerste buren van bijna 60 jaar geleden.

En het werd een grandioos feest, het meest voor het bruidspaar, feitelijk verantwoordde de verjaardag van oma alleen de aanwezigheid van zoveel oudere mensen.
>Maar<, zo sprak opa later tegen oma, > het wordt je zo wel zeer duidelijk, wat ouder worden betekent!<. Het stadhuis, de kerk en de zaal waren alle redelijk goed bereikbaar, ook voor het aantal niet meer zo snel ter been zijnde bezoekers.

Zoals gebruikelijk op een groot(s) feest, er blijkt altijd te weinig gelegenheid om eens goed bij te praten. Men moet zijn aandacht, vooral als gastheer en gastvrouw aan alle bezoekers evengoed schenen. En er valt na soms zo veel jaren toch een hoop te vertellen. Dus gebeurt het onvermijdelijke: tegen het afscheid worden er agenda’s getrokken om op z’n minst de actuele adressen, ook die van het internet, uit te wisselen en… afspraken te maken om elkaar thuis te gaan bezoeken.

En dat wordt dan toch confronterend.
Wat tijdens het feest zo niet opviel, was, dat er mensen waren met »aanpassing« moeilijkheden. De omstandigeden waren toen ook bijna ideaal. Maar moeten die mensen zich gaan bewegen – in een gezelschap – en in een woning, die minder op een breed gebruik is ingesteld, dan wordt het een ander verhaal. Maar ook het bezoek kan zich anders ontwikkelen, dan in een gesprek, dat door de omstandigheden van een feest tot enkele minuten beperkt gebleven was.

En zo wordt soms pijnlijk duidelijk, hoe de jaren niet alleen aan oma en opa, maar aan ieder ander mens voorbij gegaan – zij zeggen dan het liefst gevlogen zijn.
Omdat de gezondheid van het oude stel nog weinig klagen oproept, ligt het niet voor de hand, dat zij een ruime ervaring met minder-bedeelden hebben eigen kunnen maken.
Het minst erg is, wanneer een van de oud-buurvrouwen blijkt slechts twee verhalen in het repertoire te hebben, die dan nog niet eens tot de gezamenlijke ervaringen behoren. Dan duurt een bezoek van drie, vier uur erg lang. Vooral als er bv een dokter, waar ze veertig jaar eerder slechte ervaringen bij had, voor de zesde keer langs komt. Een flinke zucht na het afscheid en ze voelden zich gelukkig, dat dit niet spoedig herhaald zal worden.
Anders wordt het wanneer een neef-van-oma’s- kant met zijn echtgenoot langs komt.
Neef heeft het begin van altzheimer, denkt, dat hij bij zijn moeder in het bejaardenhuis op bezoek is. Hij komt tegenover de open haard te zitten, waarboven een schilderij hangt door opa gemaakt in de Wilde Zestiger, voorstellend een naakt van een buurmeisje van toen. Neef had er kennelijk aandachtig naar zitten kijken, want op ‘n moment zegt hij >Sorry, ik krijg jeuk<, maakt de riem van z’n pantalon los om zijn hand toegang te verschaffen. En nicht voelt zich in het grachtenhuis zeer beperkt door het verplichte gebruik van haar rollator. Opa is niet zo goed, of hij moet iedere keer met haar op stap, dan weer twee, dan weer vier treetjes omhoog en omlaag, wanneer er van »kamer« gewisseld moet worden. Hij hoeft haar nog net niet op de wc te helpen !
Een derde bezoek zal zeker niet worden herhaald ! Een nichtje, dat ze ook jaren niet gezien hadden, zou ook op een zondagmiddag langs komen. Dat beloofde wat, want in de familie was zij bekend als een humorvolle, opgewekte meid. Altijd lachen met haar. Ten het eind van de middag vroeg oma of ze bleef mee-eten.
Ja, graag ! Wat ze niet vertelde was, dat ze een zeer strikt en streng dieet moest volgen. Zo bleef een flink deel, wat oma haar toedacht onaangetast op het bord liggen.
De apotheose kwam tegen acht uur ‘s avond. Ze vroeg, of ze >even het toilet mocht gebruiken?< Na het knikje van oma stond ze op van de bank met de paarse velours-bekleding. Tot aller schrik zag de hele familie, dat haar mooie beige rok aan het begin van haar vroeger mooie benen een donkerbruine kleur gekregen had. Later meldde opa, dat er vakkundige bijstand moest worden ingeroepen om de schade definitief te herstellen.

Een half jaar later werd nog eens uitvoerig stilgestaan bij al deze ervaringen.
De ouwetjes waren letterlijk de Hemel dankbaar, dat ze zich nog zo gezond wisten! En dus geen last hadden van incontinentie, van geheugenverlies, van eet- en mobiliteit-problemen. Maar ook waren ze zich bewust, dat hun, maar ook menig andere woning niet (meer) geschikt was om zonder uitzondering allerlei soort gasten te ontvangen.
En opa vulde verder aan:
>Je hoort vaak van vereenzaming van mensen met een handicap. Ik kan me nu heel goed voorstellen wat voor gevolgen het heeft, wanneer men niet meer zo kan leven, als wij nu nog mogen en kunnen doen. En het is echt pijnlijk te moeten bedenken, dat de hele maatschappij niet ingericht KAN worden, om iedereen onder alle omstandigheden die vrijheid, vrijheden te kunnen bieden, waar ieder mens recht op heeft.