Breviarium Spinozanum: Begeerte is het wezen van de mens [5]

0
3


“Cupiditas est ipsa hominis essentia quatenus ex data
quacunque ejus affectione determinata concipitur ad aliquid agendum.” [Ethica 3/Aff.Def1]


“Begeerte is het wezen zelf van de mens, voor zover het
wordt opgevat als door de een of andere inwerking erop bepaald om iets te doen.
[Vert. Corinna Vermeulen]


Het derde en zeer grote voordeel dat ik Spinoza met deze
definitie zag bereiken, dat ik in het vorige
blog trachtte te beschrijven, kon ik gisteren nog niet goed
‘op papier’ krijgen. Vermoeidheid die optreedt na een heel stuk geschreven te
hebben, speelde zeker mee. Daarom eindigde ik het blog met: "Dit laatste hoop ik nog nader te verduidelijken."

Een belangrijker factor is namelijk ook de moeilijkheid zelf
van de materie: waarom ik zo enthousiast ben over het geniale dat ik in Spinoza’s
begeerte-definitie ontwaar. En dát heeft er weer mee te maken dat je het niet
eenvoudig in zijn tekst rechtstreeks kunt aanwijzen. Of je hem zo goed begrijpt
kan dan ook een beetje speculatief lijken.


Enfin, ik ga in dit blog proberen mijn punt duidelijk te
maken. Waar het uiteindelijk op neerkomt is dat ik Spinoza de overtuiging zie
hebben dat het ons – hoewel we geen vrije d.w.z. geen onveroorzaakte wil (of
verlangen) kunnen hebben – tóch kan lukken op den duur onze aandrift zelf bij
te sturen – er onder voorwaarden en tamelijk indirect enige invloed op kunnen
hebben. En dat hij die overtuiging volgens mij heeft neergelegd in die
begeerte-definitie – die ik daarom zo geniaal vind.