August W. Messer (1867 – 1937) "Descartes und Spinoza" op CD

0
2

Eigenlijk is de vraag of deze Duits filosoof zo nodig in dit blog thuis hoort. De aanleiding is een lichte verbazing over een CD, waarover zodadelijk. Messer studeerde vanaf 1885 klassieke filosogie, geschiedenis en germanistiek aan de universiteiten van Gießen, Straßburg en Heidelberg, promoveerde in 1893 met een dissertatie over Hobbes, waarna hij leraar werd in o.a. Gießen, schreef in 1899 zijn Habiltationsschrift en werd in 1904 buitengewoon hoogleraar aan de universiteit van Gießen. Vanwege de modernismestrijd trad hij in 1905 uit de katholieke kerk. In1908 ontving hij een leeropdracht in psychologie en experimentele pedagogiek, waarna hij in 1910 gewoon hoogleraar filosofie en pedagogiek werd. Hij was actief in de Freideutsche Jugendbewegung en keerde zich tegen elke politieke radicalisering, m.n. tegen de revolutie van 1918/19. Tijdens de Weimar Republik engageerde hij zich in de volwassenvorming en de volkshogescholen. In 1932 riep hij Hitler schriftelijk op af te zien van zijn kandidatuur als Reichspräsident om een ‘sittliche Erneuerung Deutschlands’ mogelijk te maken. Uiteraard werd hij na de machtsgreep van de nationaalsocialisten in 1933 uit staatsdienst ontslagen. Hij schreef diverse werken, zoals

Das Verhältnis von Sittengesetz und Staatsgesetz bei Thomas Hobbes (dissertatie 1893)
Kritische Untersuchungen über denken, sprechen, und Sprachunterricht (1900)
Empfindung und Denken (1908),
Erläuterungen zu Nietzsches Zarathustra (1922)
Einführung in die Psychologie and die psychologischen Richtungen der Gegenwart
. Felix Meiner Verlag, Leipzig, 1927.

Geschichte der Philosophie vom Beginn der Neuzeit bis zur Aufklärungszeit. 6. u. 7., verb. Aufl., Leipzig: Quelle & Meyer, 1923. – 130 pp.

[Een aantal werken van Messer staan gedigitaliseerd op archive.org]